Verhaal

Ik schreef een verhaal voor de Furious Fiction wedstrijd van The Australian Writing Centre en haalde daarmee de Longlist. Goed, ik won niet, maar de dochter van zes was in ieder geval onder de indruk.

‘Papa, ga je voor mij ook een boek schrijven?’

Natuurlijk. Maar waar moet het over gaan?

‘Cupcakejes. En taartjes.’

Maar wat gebeurt er in het verhaal?

‘Er komt een boef die de cupcakes opeet.’

Ojee. En de taartjes?

‘Die ook.’

Oei. En hoe loopt het af?

‘Dat moet jij verzinnen. En het heet het mysterieuze cupcake avontuur. Ik maak de kaft wel. En de tekeningen. En het heet de cupcake boef.’

Dat is de opdracht. Het hoeft geen lang verhaal te worden. Eén hoofdstuk volstaat. Tien bladzijden. Die liggen ook alvast klaar.

Dus: binnenkort in een boekhandel in de buurt, niet bij Bol.com, het niet-zo-heel-grote mysterie van de cupcake-boef.

Koningsdag II

Het is alweer het tweede jaar dat Koningsdag Coronastijl gevierd wordt in de straat, met Oudhollandse spelletjes en een feestje met de buren op gepaste afstand. De kinderen vinden het geen ramp. In plaats van een gesponsord springkussen spelen ze spelletjes als koekhappen, blikken gooien, ringwerpen en spijkerpoepen. Ze versieren cakejes, eten bitterballen, paprikachips, spekkies en drinken oranje limonade tot ze groen zien.

Vorig jaar was het allemaal nog nieuw en onwennig. Dit jaar is het helemaal vertrouwd en is het eerder een bevreemdend idee dat het vanaf morgen opeens niet meer zo streng hoeft. We mogen weer naar de winkels, terrassen en hogescholen gaan weer open. Het klinkt onwerkelijk en het is een groot contrast, zeker als je kijkt naar de ontwikkeling van het aantal besmettingen en de druk op de zorg. Maar goed, die vaccinaties, hè? Die gaan het verschil maken. Zeggen ze.

Maar genoeg over corona. Het is er nu al lang genoeg over gegaan. Het lijkt wel eens of we het nergens anders over hebben. Nou ja, behalve de kindertoeslagaffaire dan. En of Ajax nu al kampioen is, of toch niet.

Ik wil het hebben over de koning. Want ik zag vandaag dat zijn ‘approval rating’ fors gedaald is het afgelopen jaar. We vinden hem niet zo cool meer met zijn allen. Dat heeft met zijn zichtbaarheid te maken natuurlijk. Die komt ook zijn paleis niet uit, tenzij hij op vakantie gaat naar Griekenland. Maar het heeft ook te maken met onze eigen beleving. We zijn allemaal wat knorriger na maanden binnen zitten. Waar we vorig jaar klapten voor de zorg, zijn we het aanhoudende belerende vingertje nu een beetje zat. Waar het eerst nog wel aardig was om een poosje thuis te werken, vliegen we nu tegen de muren op. Het maakt dus niet zo uit waarover onze mening gevraagd wordt; we gaan er niet positief over zijn. En zo gaat het toch weer over corona. En dat somt het jaar wel een beetje op: zelfs als het even niet over corona gaat, gaat het stiekem toch over corona. Het is de big fat elephant in every room dit jaar.

En dat tekent ook deze tweede Koningsdag-met-de-buren. We zijn mensen kwijtgeraakt. We zijn aan huis gekluisterd en werkten huis aan huis op onze zolders voor onze verschillende werkgevers. We hadden wekenlang de kinderen thuis en gaven ze zelf les. En nog steeds eens in de paar weken zijn we thuisschool als weer eens een klasgenootje ziek wordt. En dan zien we elkaar weer op de teststraat. Maar we zijn er aan gewend geraakt en het is in de routine opgenomen.

Het is een gezellige dag en we brengen tijd met elkaar door en spreken elkaar eens echt. We hangen de vlag uit en zingen samen het Wilhelmus. Toegegeven, de volwassenen een beetje voor de grap, maar de kinderen hartgrondig. Zij hebben genoten en zich vandaag geen minuut beperkt gevoeld.

Dus, bij dezen een bedankje aan de koning. En een felicitatie. Het was weer een mooie Koningsdag. Waarschijnlijk de laatste in deze vorm. En dat zullen we volgend jaar waarschijnlijk stiekem toch ook weer een beetje jammer vinden…

Een deuk in de muur

De dochter van negen zingt één van haar zelf bedachte liedjes.

‘Een deuk in de muur is een bult in de lucht.’

Het zou zomaar uit een spreukenboekje kunnen komen. Het klinkt wijs. Dualiteit, perspectief, het zit er allemaal in. Het is een metafoor voor het leven zelf.

Een andere parel was haar liedje de buren:

De buren hebben buren, allemaal buren op een rij. De buren van de buren, dat zijn wij.’

Genieten. En dan rommelt ze er nog een stukje gitaar onder. Negen jaar oud. Ik ben verbluft. Moet je nog oppassen met je complimenten, want de even enthousiaste broers spreken al over The Voice Kids. Ik wist niet eens dat het bestond. Sorry, beetje losgezongen van het medialandschap soms. Ik lees nog boeken, dat soort dingen. Maar goed, The Voice Kids is dus opeens een dingetje hier in huis. Regelmatig krijg ik een tablet onder mijn neus waar ik op YouTube een clip moet zien van een fabelhafte auditie of juist een tenenkrommend dossier oorpijn. Je moet je kind er voor willen beschermen als ouder, maar ik begrijp ook dat je niet in de weg van dromen moet gaan staan.

Ik vind het prachtig om te zien. Ze geloven er nog in. Hij wordt profvoetballer, zij popster. De andere negenjarige wordt het publiek. En zusje van zes? Ambassadeur.

De beste singer songwriter van Nederland – Kids, dat is volgens de elfjarige ook een goede optie voor zijn zus. Ik weet niet of het bestaat. Maakt niet uit, hoor ik. Dan komt het er wel, kan zijn zusje meteen seizoen 1 winnen.

Dus, John de Mol, Reinout Oerlemans, ik weet niet wie van jullie er over gaat: maar daar is je afgezaagde hitprogramma. Ik doe het je cadeau.

De beste singer songwriter van Nederland – Kids.

En wij weten al wie er gaat winnen.